Dutch
conference proceeding
Theunissen,
N.C.M.(2001) Arts-patiënt communicatie over therapietrouw. Colloquim
gehouden op 1 november voor de Faculteit Sociale Wetenschappen, Universiteit
Utrecht en op 13 november voor de afdeling Medische Psychologie van het
AMC te Amsterdam. En als voordracht tijdens een bijeenkomst 'onderzoek in
de Behavioral medicine', 14 dec 2001, Universiteit Utrecht.

| |
PDF |
extra
info |
conferentie link |

Abstract
Hieronder volgt een voorbeeld van een gesprek zoals dat regelmatig plaats
vindt tussen patiënten met hypertensie (chronisch te hoge bloeddruk)
en hun huisartsen:
Patiënte: "Ik ben hier omdat ik een druk op mijn borst voel.
Ik wil mijn bloeddruk laten controleren. Misschien is het omdat ik zoveel
verdriet heb om de scheiding van mijn zoon."
Huisarts: [met empathie:] "Heeft u zoveel verdriet?"
Patiënte "Ach ja, ik vind het toch zo erg voor mijn zoon. Ik
heb er zoveel verdriet over
."
Het lijkt in dit voorbeeld of de huisarts adequaat reageert op wat de
patiënt zegt, maar dat is de vraag. In de uitlatingen van de patiënte
zijn een aantal ideeën terug te vinden die zij waarschijnlijk over
hoge bloeddruk heeft. Ten eerste legt ze een verbinding tussen druk op
de borst en hoge bloeddruk. Bovendien veronderstelt ze een oorzaak voor
druk op de borst of bloeddruk, namelijk: verdriet. De huisarts reageert
empathisch op het feit dat de patiënte verdriet heeft. Dit kan natuurlijk
geen kwaad, maar de huisarts laat hiermee de echte angst van de patiënte
onbesproken. Te weten, de angst dat door het verdriet de bloeddruk weer
hoger wordt. De huisarts had beter kunnen toelichten dat hoe erg en terecht
haar verdriet ook is, het volgens de huidige medische inzichten de bloeddruk
niet hoger maakt. Daarnaast had de huisarts kunnen uitleggen dat hoge
bloeddruk niet gevoeld kan worden, dus ook niet door een druk op de borst.
Zonder deze toelichting kan de patiënte misschien concluderen dat
zolang ze verdriet heeft haar bloeddruk te hoog zal zijn. Misschien besluit
ze dan ook dat gezonder eten even niets uitmaakt. Of dat ze voor de zekerheid
maar een pilletje extra moet nemen. Of ze concludeert dat zodra ze geen
druk op de borst meer voelt, dat dan de bloeddruk weer lager is, dus best
wel een pilletje kan worden overgeslagen. We zullen het nooit te weten
komen en de huisarts in het voorbeeld komt hier zeker niet achter.
Bovenstaande uiteenzetting is een illustratie van het belang van Leventhals
Self-regulatory model of illness. Tijdens de voordracht zal worden bespoken
welke rol dit model kan spelen bij het ter sprake brengen van therapietrouw.
Daarbij worden gegevens gepresenteerd uit lopend onderzoek bij patiënten
met hypertensie en hun huisartsen.
Keywords
hypertension; self-regulatory model of
illness; illness representations; adherence;